Manifest (Dutch)

Logo European Network of Green Seniors

Manifest van ENGS

het Europees Netwerk van Groene Senioren

Inleiding

In de nabije toekomst zal Europa getuige zijn van een demografische evolutie die zich zowel op politiek als op economisch vlak zal vertalen. Deze evolutie heeft enerzijds te maken met een daling van de bevolkingsaangroei, anderzijds met een groeiend aantal ouderen. Elk Europees land zal hiermee geconfronteerd worden. In het licht van deze evolutie worden ouderen te dikwijls gezien als een kostenfactor, verantwoordelijk voor elke budgettaire crisis; als een rem op de economische groei, ja zelfs als een bedreiging van de thuiseconomie.

ENGS, het European Network of Green Seniors, ziet deze demografische ontwikkeling niet als aanleiding voor een nakend conflict tussen jongere en oudere generaties. Het is van oordeel dat deze situatie veeleer een kans biedt om met beide generaties samen te werken aan een gemeenschappelijke toekomst. In deze samenwerking kunnen jeugdig enthousiasme en gerijpte ervaring elkaar ontmoeten en bevruchten.

Onze maatschappij moet dringend stereotype clichés doorbreken; als zouden ouderen enerzijds een arme en afhankelijke groep vormen, of anderzijds zich als een zelfzuchtige groep zouden vastklampen aan rijkdom en bezit. In feite zijn onze behoeften even uiteenlopend als die van andere groepen in de maatschappij. Ouder wordend willen we zo lang mogelijk actief blijven bijdragen tot het gemeenschappelijk belang van die maatschappij.

Gezien de westerse maatschappij steeds ouder wordt, zal de oudere burger ook meer verantwoordelijkheid moeten opnemen. Senioren beschikken namelijk over een verborgen bron aan ervaring, kennis en vaardigheden. Het zou te gek zijn, mocht deze rijke bron niet (h)erkend en gevaloriseerd worden.

Politici moeten vertrouwen stellen in de bekwaamheid van hun oudere burgers en hun inbreng en deelname aan de politieke agenda verwelkomen.

Sommige oudere Groenen kunnen terugkijken tot het begin van de ecologische beweging, enkelen behoorden zelfs tot de stichters ervan. Voor ons geldt niet zozeer de vraag “wat de Groene beweging kan doen voor de oudere burger”, maar wel “wat wij, met onze ervaring, vrije tijd, energie en creativiteit, kunnen betekenen voor diezelfde Groene beweging”.

Zo is de vraag wat senioren vanuit hun optiek kunnen bijdragen inzake ecologische politiek, ja zelfs een verdieping van het ecologische gedachtegoed, belangrijker dan wat de Groene partijen kunnen betekenen voor hun oudere militanten.

Vanuit ons perspectief valt het op dat de Groene beweging op sociaal en ecologisch vlak meer is dan een eendagsvlieg. De ervaring van de laatste jaren leert ons dat de mensheid enkel kan overleven dank zij een volgehouden Groene beweging. De Groene beweging is noch nationaal, noch regionaal. Ze bestaat over de grenzen heen, wereldwijd. Terwijl andere partijen hun activiteiten kunnen beperken tot een land of regio, moeten ecologisten steeds weer vooruitkijken. Voor hen zijn internationale acties en  activiteiten essentieel.

ENGS wil zijn acties verankeren in de partijprogramma’s van de Europese Groenen en in de leidende principes van de EGP. Het wil op die manier mee naar oplossingen zoeken voor een gewijzigde demografie met meer en meer oudere burgers.

Om dit doel te bereiken putten we in de hiernavolgende12 punten uit onze levenslange ervaring. Elk van deze punten beroert ook het dagdagelijkse leven van elke oudere burger.

Met deze punten willen we bijdragen tot de realisatie van de gemeenschappelijke ecologische doelen inzake solidariteit, vrede, duurzaamheid, eerlijke handel en aandacht voor het zich wijzigend klimaat.

01. Geen discriminatie op de werkvloer

ENGS verwerpt discriminatie van oudere werknemers op de werkvloer, onder de vorm van gedwongen vervroegd ontslag en de onmogelijkheid tot herscholing of bevordering. Geen enkel beroep mag aansturen op vervroegd ontslag, tenzij bij lichamelijk of geestelijk onvermogen van de werknemer. Oudere werknemers moeten de kans krijgen zich zo nodig bij te scholen. De gevolgen van de nieuwe Europese richtlijnen om leeftijd uit de weddenschaal te schrappen, moeten dringend onderzocht worden.

02. Doorgeven van ervaring, levenslang leren

ENGS pleit ervoor dat de kennis en ervaring van ouderen voor de gemeenschap in haar geheel en voor de werksituatie in het bijzonder behouden blijft. Veel ouderen hebben zich tijdens hun  beroepsleven sociale verworvenheden en een strategisch denken en handelen eigen gemaakt die jongeren nog moeten leren. Anderzijds hebben ouderen nood aan IT-training en ondersteuning waarover jongeren wél beschikken. Op dit vlak zijn de meeste jongeren nu eenmaal beter.

Daarom komt ENGS op voor het recht op levenslang leren, het recht op uitwisseling van kennis en op begeleiding tussen ouderen en jongeren, zowel privé als op de werkvloer.

Uit de samenwerking van ouderen en jongeren kunnen ook nieuwe mogelijkheden ontstaan voor de gemeenschap.

De behoefte aan IT-training en ondersteuning mag geen excuus vormen voor miskenning of onder-waardering van andere capaciteiten bij de oudere werknemer.

Andere benadeelde groepen zoals laagbetaalden, migranten and gehandicapten moeten beter onder-steund worden.

03. Recht op persoonlijke en sociale ontwikkeling

Alle generaties en alle leden van de gemeenschap hebben recht op persoonlijke en sociale ontwikkeling. Ontwikkeling biedt mensen de kans te leven in vrijheid en op zelfbeschikking. Een stabiele en aantrekkelijke democratische samenleving waardeert verscheidenheid, zowel qua leeftijd, etnische oorsprong, als qua stads- of plattelandsleven. Gelijke toegang tot de middelen om deze verscheidenheid gestalte te geven is noodzakelijk. Noch armoede, noch leeftijd mogen hier een barrière vormen.

Klaar inzicht moet het de mensen mogelijk maken hun plaats in het ecosysteem te onderkennen.      Om het wederzijds respect te bevorderen moet de erkenning van ieders integriteit  worden gekoesterd. Intercultureel en zintuiglijk talent kunnen ook op latere leeftijd worden ontwikkeld.

04. Vrijwilligerswerk

Wij  “jonge senioren” wensen geen kost of last te zijn voor de maatschappij na onze werktijd. Wij wensen onze beschikbare tijd op zinvolle wijze te investeren in de gemeenschap.

Door ons vrijwilligerswerk willen we waarden wijzigen en begrippen als “werk” en “ontspanning” een nieuwe betekenis geven.

Dit engagement in de gemeenschap kan worden versterkt door het opzetten van agentschappen voor vrijwilligerswerk. Deze agentschappen moeten goed opgezet worden en openstaan voor samenwerking en input in hun structuren. Vrijwilligerswerk moet politiek worden georganiseerd door de lokale  overheid. Landen waar vrijwilligerswerk reeds bestaat zijn hiervan uiteraard vrijgesteld. Officiële erkenning en de juiste richtlijnen kunnen daar het doel zijn.

Bij dit alles dient erop toegekeken dat het de normale arbeidsmarkt niet aantast. Het is zeker niet de bedoeling dat betaald werk op die manier zou verloren gaan.

05. Ouderdomspensioenen

ENGS wil zich inzetten voor een toereikend pensioenschema voor iedereen, dat door munt-ontwaarding niet tot ouderdomsarmoede leidt. Een basisinkomen staat verder ter discussie.

06. Nieuwe leefvormen voor ouderen

Wij, senioren, willen zo lang mogelijk in ons huis of onze flat blijven wonen. We willen niet in getto’s voor ouderen leven, wat alleen maar grotere afhankelijkheid met zich brengt, maar ook niet in de gescheiden gemeenschap die deze opdeling meebrengt. Als we toch zorg behoeven, willen we kunnen kiezen uit verscheidene modellen die ons die zorg kunnen bieden. Onder de modellen die voor ouderen geschikt zijn noteren we: kangoeroewoningen voor jongeren én senioren; aangepaste woningen in een normale woonbuurt of in flats die door meerdere mensen gedeeld worden.

07. Tegen de groeiende liberalisering van sociale diensten

ENGS vraagt een duidelijke regeling van de sociale diensten, als basiszorg in Europa. Wij verwerpen de definitie die van dergelijke diensten “goederen” maakt die kunnen verhandeld worden op de vrije markt. In de plaats vragen wij een wettelijke bescherming als openbare dienst. Gezondheidszorg en sociale diensten die de burger in het algemeen en de ouderen in het bijzonder aanbelangen dienen in de toekomst als een basiszorg te worden beschouwd.

Noch gezondheidszorg, noch sociale diensten mogen afhankelijk worden van of beperkt worden door sociale status of residentiële rechten.

08. Hulp aan oudere immigranten

Welzijnsdiensten moeten toegankelijk worden voor de heterogene groep van immigranten, zodat zij hen kunnen ontvangen overeenkomstig hun culturele normen. ENGS steunt een interculturele opening en modernisering van de hulp aan oudere migranten. Om deze diensten mogelijk te maken dient relevante informatie te worden ingewonnen bij deze groepen en hun vertegenwoordigers.

09. Recht op gezondheidszorg en een waardige dood

Een gezonde en verantwoorde levenswijze vormt de basis voor een goede gezondheid. Ouderen moeten toegang hebben tot een goede, kwalitatieve gezondheidszorg die verstrekt wordt door zowel professionelen als vrijwilligers en familieleden. Aan wie dit wenst, moet terminale zorg kunnen worden verstrekt in eigen omgeving of in een hospitium met palliatieve zorgverstrekking.

10. Mobiliteit

Openbaar vervoer moet veilig en toegankelijk worden gemaakt voor alle leeftijdsgroepen, zodat ook ouderen trein, tram of bus zonder problemen kunnen nemen. Hiertoe dient ook meer veiligheids-personeel in dienst genomen. Voor lage inkomens moeten er lagere tarieven worden gehanteerd.

11. Een generatiepact tussen jong en oud

In het licht van de demografische evolutie in heel Europa zullen ouderen in de toekomst meer moeten bijdragen tot economie en maatschappij. Er moet een samenwerking komen tussen jong en oud. Waar de jongeren werkloosheid mogen vrezen, kan voor de ouder wordende generaties armoede ontstaan. Daarom moet er een nieuw generatiepact komen. Als ouderen willen we mee helpen zoeken naar de beste oplossingen om de aangehaalde taken uit te voeren en daardoor de cohesie tussen de generaties handhaven en versterken.

12. Deelname aan het politieke leven

ENGS wil actief zijn op alle politieke terreinen die het persoonlijk leven van de senioren aanbelangen.

13. Conclusies

De senioren van het ENGS mengen zich in elke maatschappelijke discussie:

a)     Wij engageren ons voor een duurzame toekomst van Europa, door ons leven niet enkel te laten bepalen door consumptie. Daardoor willen we aantonen dat we door niet-consumptie volkeren in armere landen een betere toekomst kunnen bieden.

b)     Als er al een globalisering bestaat, willen we die sociaal en ecologisch onderbouwen en vragen we daarom een betekenisvolle groei van de economie.

c)     In plaats van het profijtgerichte denken (met zijn discriminerende waardeschaal inzake menselijke betrekkingen) willen we de ethische aspecten van het menselijk leven benadrukken, dat zijn eigen doel heeft. De zin van het leven is niet werken als dusdanig, de zin van het leven is het leven zelf.

d)     Groene nationale en internationale activiteiten zijn noodzakelijk als tegengewicht voor de bestaande multinationale, economische en financiële structuren en organisaties die succesvol bezig zijn in onze geglobaliseerde wereld, zonder zich problemen te maken over taal, religie, denkwijzen, nationale identiteiten of nationale standpunten.

e)     Er bestaat een essentieel verschil tussen de Groenen en de traditionele partijen: De Groenen brengen een totaal nieuwe dimensie in de politiek. Zij hechten niet enkel belang aan het maatschappelijk leven, maar ook aan de co-existentie van maatschappij en leefmilieu en aan het recht van alle levende wezens om te leven en te overleven in natuurlijke omstandigheden. Dat is de reden waarom Groene posities ten opzichte van een links rechts opstelling niet duidelijk kunnen geprojecteerd worden.

f)     Omdat energie beschikbaar moet zijn voor iedereen, vragen we dat de controle op en de levering van energie een publieke dienst blijft die onder geen beding het slachtoffer mag worden van liberalisering. Andere diensten als: openbaar vervoer, posterijen, telefoon en gezondheidszorgen behoren eveneens tot de publieke dienstverlening. Wij verbinden er ons toe dat al deze diensten publiek blijven, als dusdanig opnieuw worden ingesteld of als coöperatieven waar dit niet langer het geval is.

g)     Zowel natuurrampen als sociale en andere rampen of ellende nemen vaak internationale dimensies aan. De reactie in de wereld is dikwijls een overdonderende solidariteit. Wat deze geglobaliseerde wereld (naast spontane internationale solidariteitscampagnes) echter nodig heeft, zijn doeltreffende en duurzame solidariteitsstructuren. De Groenen moeten niet enkel NGO’s als Greenpeace, Amnesty International…, de VN, de Europese Unie en Unicef ondersteunen, maar moeten ook het voortouw nemen voor iets nieuws. Naast het Europees Netwerk voor Groene Senioren moet er een wereldwijd netwerk ontstaan.

h)    Om het leven op aarde te redden en veilig te stellen, is de politieke wedijver van de traditionele partijen ontoereikend. Er moet een wedijver ontstaan tussen wetenschap, industrie en technologie enerzijds, de ecologisten anderzijds. Als de wetenschap geen oplossing kan bieden, blijven enkel de oplossingen aangereikt door de Groene Beweging. Met name: anders gaan leven, een andere economie opzetten, of het begrip voorspoed van de natie en de familie herbekijken en daarbij de intrinsieke i.p.v. de ruilwaarde van de dingen hanteren.

i)      Indien de wetenschap geen alternatieven biedt, zal de wereld verplicht zijn anders te gaan leven. Dit kan, bij gebrek aan water en andere noodzakelijke middelen, leiden tot heftige conflicten. De ecologisten, die steeds voor dergelijke conflicten hebben gewaarschuwd, moeten de samenhang binnen de internationale democratie verdedigen, daarbij oorlog en geweld op de beste manier vermijdend.

Al deze punten vormen een reden om de Groene Beweging internationaal te versterken. Daartoe heeft ENGS politiek gemotiveerde mensen nodig, die bereid zijn mee te helpen om deze doelen te bereiken.

Kzdisk10